PADDESTOELEN van (Miriam Van hee)
1
Het zijn
oortjes van vlees
waar de
aarde mee luistert
naar de
muziek van het woud
over
stilte, oneindigheid
of hoe het
is als de vogels
vertrokken
zijn
ze groeien
als niemand het ziet
vroeg in de
ochtend of ’s nachts
onder
kastanjes, beuken,
in zachte
bedden van heide
en mos, op
plekken waar tussen
de bomen
het zonlicht
kan
doordringen tot in het gras