TAAK IN DE POLITIEK
De politicus zou veel serener en gelukkiger kunnen zijn indien hij de grenzen van zijn opdracht voor zichzelf beter zou afbakenen. Vanuit zijn overtuiging moet hij de samenleving begeleiden, nieuwe impulsen geven, verkeerde of gevaarlijke evoluties bijsturen of ombuigen en de klippen tijdig zien om ze te kunnen omzeilen. Na 30 jaar leven in de Wetstraat zal hij dan met innerlijke voldoening vaststellen dat hij misschien weinig 'overwinningen' geboekt heeft maar wel veel onheil heeft kunnen voorkomen.
(een vriend)